Reinier adviseert nationale en internationale bedrijven
reinier.russell@russell.nl +31 20 301 55 55Op 1 juli 2021 is de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen (Wbtr) in werking getreden. Hierdoor vervalt de ontslagbescherming voor bestuurders van stichtingen. Wat betekent dit voor stichtingen? Wat is de rechtspositie van stichtingsbestuurders nu?

Sinds 1 juli 2021 is een groot deel van het recht voor bv’s en nv’s ook van toepassing op stichtingen, een rechtsvorm waarvan goede doelen vaak gebruik maken. Zo is er onder meer een regeling in geval van belangenverstrengeling van de stichtingsbestuurder. Daarnaast is het ontslagregime voor stichtingsbestuurders die ook een arbeidsovereenkomst met de stichting hebben gewijzigd. Hoe is de ontslagprocedure voor stichtingsbestuurders na de Wbtr?
Benoeming en ontslag van de statutair stichtingsbestuurder is geregeld in de statuten. Omdat een stichting geen leden heeft, ligt de ontslagbevoegdheid vaak bij het bestuur zelf. Daarnaast kan deze bevoegdheid toebedeeld zijn aan een toezichthoudend orgaan, zoals een Raad van Commissarissen of een Raad van Toezicht. Als een bestuurder is benoemd door een besluit van het bestuur of een toezichthoudend orgaan spreekt men van een statutair bestuurder.
Om de statutair stichtingsbestuurder met een arbeidsovereenkomst te kunnen ontslaan, moeten zowel de rechtspersonenrechtelijke als de arbeidsrechtelijke relatie beëindigd worden. Voor de inwerkingtreding van de Wbtr beëindigde een besluit om de statutair stichtingsbestuurder te ontslaan alleen de rechtspersonenrechtelijke relatie. De eventuele arbeidsrechtelijke relatie bleef bestaan. De statutair stichtingsbestuurder genoot dezelfde ontslagbescherming als een gewone werknemer. Dit betekende dat ontslag van de stichtingsbestuurder slechts plaats kon vinden met toestemming van het UWV of de kantonrechter.
De Wbtr heeft de regels voor het ontslag van de statutair stichtingsbestuurder gelijk getrokken met die van statutair bestuurders van bv’s en nv’s. Een ontslagbesluit dat genomen is door het daartoe bevoegde orgaan van de stichting, beëindigt niet langer slechts de rechtspersonenrechtelijke relatie met de statutair stichtingsbestuurder, maar ook de arbeidsrechtelijke relatie wordt daarmee beëindigd. Dit is alleen anders als sprake is van een opzegverbod, zoals bij ziekte. Wel kan de statutair stichtingsbestuurder mogelijk aanspraak maken op een billijke vergoeding. Dit kan als het ontslagbesluit is genomen zonder een redelijke grond. De billijke vergoeding komt bovenop de transitievergoeding. Het kan daarbij gaan om forse bedragen. Herstel van de arbeidsovereenkomst door de rechter is niet mogelijk.
Ook de ontslagregeling ten aanzien van de statutair stichtingsbestuurder op verzoek van het Openbaar Ministerie of een belanghebbende is verruimd. De rechtbank kan vanaf 1 juli 2021 overgaan tot ontslag van de statutair stichtingsbestuurder als deze de bestuurstaak verwaarloost. Daarnaast kan ontslag gegeven worden wegens gewichtige redenen of een ingrijpende wijziging van omstandigheden. Dit zijn open en door de rechtspraak nader in te vullen normen.
Heeft u advies nodig over het ontslaan van een stichtingsbestuurder? Of wilt u als stichtingsbestuurder weten wat uw rechten na de Wbtr zijn? Wij zijn u graag van dienst. Ook als u een conflict heeft op het gebied van ondernemingsrecht en arbeidsrecht kunt u bij ons terecht. Neem contact met ons op:
Banken kunnen op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) verplicht zijn een klant te weigeren of de relatie met de klant te beëindigen. Ook goede doelen kan dit overkomen. Wanneer mag een bank de relatie beëindigen? En moet een klant meewerken aan het onderzoek van een bank?
De Wet transparantie en tegengaan ondermijning door maatschappelijke organisaties (Wtmo) legde enkele nieuwe verplichtingen op aan goede doelen. Het wetsvoorstel is echter op 24 maart 2026 door de Eerste Kamer verworpen.
De statutair bestuurder heeft minder ontslagbescherming, maar er moet wel een redelijke grond voor het ontslag aanwezig zijn. Anders moet de werkgever een billijke vergoeding betalen. Die kan hoog zijn, zo blijkt uit een recente uitspraak. Waarom moest de werkgever deze vergoeding betalen?
De Europese AI Act verplicht werkgevers om te zorgen dat werknemers voldoende kennis hebben van de AI-systemen. Dat kan door middel van trainingen, maar ook door een op het bedrijf toegesneden AI-beleid. Wat moet u in een dergelijk beleid opnemen? Welke rol speelt de ondernemingsraad bij de invoering van het AI-beleid?
Een werknemer die niet goed presteert mag ontslagen worden. Maar dan moet deze wel eerst de kans hebben gekregen om het functioneren te verbeteren door middel van een verbetertraject of PIP. Aan welke eisen moet zo’n traject voldoen?
De ondernemingsraad heeft instemmingsrecht bij vaststelling, wijziging of intrekking van een beloningssysteem. Is een wijziging van een aandelenregeling een wijziging van het beloningssysteem?