Cindy adviseert nationale en internationale ondernemers en werkgevers.
cindy.ting@russell.nl +31203015555Een nieuwe wet regelt dat zzp’ers die minder dan 38 euro per uur verdienen in principe gelden als werknemers. Wat betekent dit voor opdrachtgevers en opdrachtnemers? Welke uitzonderingen zijn er mogelijk op dit rechtsvermoeden op basis van uurtarief?

Op 16 juni 2026 stemde de Eerste Kamer in met het Wetsvoorstel invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief. Dit wetsvoorstel is het enige onderdeel dat is overgebleven uit het oorspronkelijke wetsvoorstel Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (VBAR).
Het doel van de invoering van het rechtsvermoeden is laagbetaalde zzp’ers beter te beschermen tegen schijnzelfstandigheid. Schijnzelfstandigheid is de situatie waarin iemand als zzp’er wordt ingehuurd, terwijl hij volgens het arbeidsrecht in loondienst zou moeten zijn. Door deze constructie verliest de zzp’er het recht op bescherming tegen bijvoorbeeld ontslag of loondoorbetaling bij ziekte dat deze als werknemer wel zou hebben gehad. Omdat de laagbetaalde schijnzelfstandigen de meest kwetsbare groep zzp’ers zijn is besloten dit onderdeel van de VBAR alvast in te voeren in afwachting van verdere wetgeving over het verschil tussen zzp’ers en werknemers.
Het wetsvoorstel introduceert een rechtsvermoeden. Dit rechtsvermoeden houdt in dat als een zzp’er die minder dan 38 euro per uur verdient wordt vermoed dat deze een arbeidsovereenkomst heeft en geen overeenkomst van opdracht. Dit uurtarief wordt twee keer per jaar herzien, tegelijkertijd met het minimumloon. Het huidige bedrag van 38 euro is gebaseerd op de peildatum 1 januari 2026.
De bewijslast voor het bestaan van een opdrachtrelatie ligt bij de opdrachtgever: die moet aantonen dat er geen sprake is van een arbeidsrelatie. Slaagt deze daar niet in, dan wordt de zzp’er beschouwd als werknemer. Deze krijgt dan alle rechten en bescherming die horen bij iemand in loondienst. Het rechtsvermoeden maakt het dus voor laagbetaalde zzp’ers eenvoudiger om een dienstverband op te eisen.
Het uurtarief van 38 euro is geen harde grens. Niet alleen kan de werkgever dit vermoeden ontkrachten, maar ook een zzp’er met een uurtarief van 38 euro of hoger kan werknemer zijn, zolang deze voldoet aan de regels voor het bestaan van een arbeidsrelatie. Hij kan alleen geen beroep doen op het rechtsvermoeden en zal zelf met bewijs moeten komen dat sprake is van een arbeidsrelatie. Het uurtarief beslist dus niet al op zichzelf of er sprake is van een arbeidsovereenkomst of niet.
Alleen de zzp’er kan een beroep doen op dit rechtsvermoeden tegenover de opdrachtgever. Instanties zoals de Belastingdienst, het UWV en de Arbeidsinspectie kunnen hier dus geen beroep op doen als zij denken dat een overeenkomst van opdracht een arbeidsovereenkomst is.
Nu de Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel, zal het wetsvoorstel naar verwachting per 1 januari 2027 in werking treden. Het rechtsvermoeden geldt voor zowel nieuwe arbeidsrelaties als bestaande arbeidsrelaties die op het moment van inwerkingtreding van de wet nog doorlopen. Opdrachtgevers doen er daarom goed aan om te controleren welke overeenkomsten met zzp’ers met een uurtarief van minder dan 38 euro nog doorlopen tot in 2027 en te laten checken of deze voldoen aan de huidige criteria voor het bestaan van een overeenkomst van opdracht.
Het kabinet werkt daarnaast aan het wetsvoorstel Zelfstandigenwet. Deze wet zal net als het oorspronkelijke wetsvoorstel VBAR meer duidelijkheid moeten geven over de positie van zelfstandigen in het algemeen. Dit wetsvoorstel moet eerst nog langs de Raad van State, de Tweede Kamer en de Eerste Kamer voordat het in werking kan treden.
Wilt u weten of de overeenkomst op basis waarvan u werkzaamheden verricht of laat verrichten een overeenkomst van opdracht is of een arbeidsovereenkomst? Of heeft u andere vragen over arbeidsrecht? Wij staan u graag bij. Neem contact met ons op:
De hoogte van het wettelijk minimumuurloon verandert ieder half jaar. Wat zijn de nieuwe bedragen per 1 juli 2026?
Ontslag op staande voet van een werknemer wegens een bagatel, zoals diefstal van een product met (zeer) lage waarde, mag dat? Ja! Maar dit is niet zonder risico.
Werknemers hebben recht op privacy in hun privéleven. Dat geldt ook voor zieke werknemers. Zij moeten zich echter ook aan hun re-integratieverplichtingen houden en juiste informatie geven over hun ziekte. Welke mogelijkheden heeft de werkgever om te controleren of zij dit ook echt doen.
De statutair bestuurder heeft minder ontslagbescherming, maar er moet wel een redelijke grond voor het ontslag aanwezig zijn. Anders moet de werkgever een billijke vergoeding betalen. Die kan hoog zijn, zo blijkt uit een recente uitspraak. Waarom moest de werkgever deze vergoeding betalen?
De Europese AI Act verplicht werkgevers om te zorgen dat werknemers voldoende kennis hebben van de AI-systemen. Dat kan door middel van trainingen, maar ook door een op het bedrijf toegesneden AI-beleid. Wat moet u in een dergelijk beleid opnemen? Welke rol speelt de ondernemingsraad bij de invoering van het AI-beleid?
Een werknemer die niet goed presteert mag ontslagen worden. Maar dan moet deze wel eerst de kans hebben gekregen om het functioneren te verbeteren door middel van een verbetertraject of PIP. Aan welke eisen moet zo’n traject voldoen?