(Seksuele) intimidatie op de werkvloer is wettelijk verboden. Als het zich toch voordoet dan moet – volgens de huidige wetgeving – de werknemer bewijzen dat hij (seksueel) geïntimideerd is. Anders gezegd: de bewijslast rust op de werknemer.
Deze maand treedt een wetswijziging in werking die het mogelijk maakt dat de rechter de bewijslast kan verschuiven naar de werkgever, bijvoorbeeld wanneer een werknemer een klacht zo met feiten kan onderbouwen dat de rechter hieruit het vermoeden van (seksuele) intimidatie op het werk kan afleiden.
Verschuiving van de bewijslast heeft tot gevolg dat niet de werknemer de (seksuele) intimidatie moet bewijzen, maar dat de werkgever moet bewijzen dat hij alles in het werk heeft gesteld om (seksuele) intimidatie op de werkvloer te voorkomen. De werkgever wordt hierdoor genoodzaakt een actief beleid te voeren om (seksuele) intimidatie op de werkvloer tegen te gaan. Het is daarom belangrijk dat binnen een bedrijf voor iedereen duidelijk is dat:
1. intimidatie niet toegestaan is en;
2. welke procedures gevolgd zullen worden bij een klacht hierover.
Het is verstandig om dit beleid schriftelijk vast te leggen en bijvoorbeeld op te nemen als bijlage in uw personeelsreglement.
Heeft uw onderneming nog geen reglement (seksuele) intimidatie of heeft u andere vragen over de inhoud van uw beleid ter voorkoming en bestrijding van (seksuele) intimidatie? Russell Advocaten informeert en adviseert u hier graag over.
Contactpersoon: Jan Dop (tel. 020- 301 55 55)