Download nieuwsflits (PDF)
Per 1 januari verandert er altijd veel in de wetgeving. Het jaar 2012 is geen uitzondering op deze regel. Hieronder staan voor de rechtsgebieden ondernemingsrecht, arbeidsrecht, contractenrecht, vastgoed- en bestuursrecht, personen- en familierecht en procesrecht de belangrijkste wijzigingen met bijzondere aandacht voor ambassades en expats. Ook wordt kort alvast een aantal geplande wijzigingen in de wetgeving behandeld.
Ondernemingsrecht
Nederland nog aantrekkelijker voor afhandeling van grote internationale schadeclaims
Nederland heeft een unieke en voor beide partijen (schadeveroorzakende multinational en eisers van schadevergoeding) aantrekkelijke mogelijkheid om grote internationale schadeclaims af te handelen, zo bleek uit de Converium-uitspraak. Het kabinet gaat deze wetgeving nog verder verbeteren.
Wet bestuur en toezicht
De wet bestuur en toezicht is inmiddels aangenomen. De belangrijkste wijzigingen zijn de introductie van het monistische bestuursmodel en wijziging van de tegenstrijdig belangregeling. De verwachting is dat deze wet op 1 juli 2012 in werking zal treden. (Zie voor meer informatie Wet bestuur en toezicht)
Statutair bestuurder beursgenoteerde vennootschap geen werknemer meer
Met inwerkingtreding van de Wet bestuur en toezicht, zal ook de rechtsverhouding van de statutair bestuurder met een beursgenoteerde vennootschap en de beursvennootschap niet langer worden aangemerkt als een arbeidsovereenkomst. De bestuurder geniet niet langer de arbeidsrechtelijke bescherming die neergelegd is in de wet en partijen zijn dan ook vrij afspraken te maken, zonder gebonden te zijn aan de regels van het arbeidsrecht. De regeling geldt slechts voor nieuw te sluiten overeenkomsten en heeft geen gevolgen voor reeds bestaande arbeidsovereenkomsten.
Vereenvoudiging en flexibilisering van de B.V.
Het al in 2007 ingediende Wetsvoorstel vereenvoudiging en flexibilisering van het B.V.-recht ligt inmiddels ter behandeling bij de Eerste Kamer. (Zie voor meer informatie over de huidige stand van zaken Wetsvoorstel personenvennootschappen ingetrokken)
Arbeidsrecht
Inperking werkgeversaansprakelijkheid
Enige tijd bestond onduidelijkheid over de vraag hoe ver de verplichting van de werkgever strekt om voor ongevallen van werknemers een goede verzekering af te sluiten. Met twee uitspraken heeft de Hoge Raad aan deze onduidelijkheid een einde gemaakt. (Zie voor meer informatie Werkgeversaansprakelijkheid en verzekeringsplicht)
Geen automatisch einde arbeidsovereenkomst bij bereiken 65 jaar
De kantonrechter in Utrecht heeft onlangs bepaald dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd niet automatisch eindigt bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd indien dit niet is overeengekomen. Hoewel de rechter geen oordeel geeft over de overeenkomst met een pensioenbeding is het van groot belang dat de werkgever een pensioenbeding overeenkomt; de formulering van dit pensioenbeding luistert nauw.
Uitzendbureaus in handelsregister
Uitzendbureaus moeten vanaf 1 januari 2012 als zodanig in het Handelsregister geregistreerd staan. Staat een uitzendbureau niet geregistreerd, dan volgt een boete. Deze boete geldt ook voor de bedrijven die via een niet-geregistreerd uitzendbureau personeel inhuren. De boete bedraagt de eerste keer EUR 12.000,- per werknemer, bij herhaling EUR 24.000,- per werknemer en bij een derde overtreding EUR 36.000,- per werknemer.
Regelgeving vakantie en verlof
Vanaf 1 januari 2012 dient een werknemer zijn wettelijke vakantiedagen (20 bij een full time dienstverband) op te maken binnen een half jaar na het jaar waarin de dagen zijn opgebouwd, op straffe van verval. In 2012 opgebouwde wettelijke vakantiedagen dienen dus uiterlijk 30 juni 2013 te zijn opgenomen. Voor bovenwettelijke vakantiedagen blijft een vervaltermijn van 5 jaar gelden. Ook krijgen zieke werknemers per 1 januari 2012 hetzelfde recht op vakantiedagen als niet zieke werknemers. (Zie voor meer informatie Nieuwe regeling voor vakantie en verlof)
Verval wet verruiming ketenregeling
De tijdelijke maatregel waarbij aan jongeren tot 27 jaar vier arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd konden worden aangeboden, zonder dat de laatste arbeidsovereenkomst een contract voor onbepaalde tijd wordt, is vervallen. Het verval van deze regeling heeft geen gevolgen voor de vierde arbeidsovereenkomst die vóór 1 januari 2012 is afgesloten, maar op die datum nog voortduurt. (Zie voor meer informatie Tijdelijke contracten met jongeren: meer en langer)
Levensloop- en spaarloonregeling afgeschaft
De levensloopregeling en spaarloonregeling zijn afgeschaft. Vanaf 1 januari 2012 kan de werknemer het gehele tegoed van de spaarloonregeling belastingvrij opnemen. Voor de levensloopregeling geldt dat vanaf 1 januari 2012 geen levensloopverlofkorting kan worden opgebouwd, maar de regeling blijft na deze periode nog wel openstaan voor deelnemers die op 31 december 2011 meer dan € 3.000,-- op hun levenslooprekening hebben staan. Pas per 1 januari 2013 treedt een nieuwe regeling, het ‘vitaliteitssparen’ in werking. Deze regeling kan de levensloop- en spaarloonregeling vervangen.
Concurrentiebeding
In tegenstelling tot een uitspraak van de kantonrechters te Almelo en Helmond (zie Concurrentiebeding bij verlenging arbeidsovereenkomst opnieuw overeenkomen), hebben diverse hoven recent bepaald dat verlenging of omzetting van een (verder ongewijzigde) arbeidsovereenkomst van bepaalde naar onbepaalde tijd niet kan worden beschouwd als een ‘nieuwe’ arbeidsovereenkomst waarvoor een ‘nieuw’ concurrentiebeding dient te worden overeengekomen. Het oude concurrentiebeding blijft dus na verlenging of omzetting van de overeenkomst zijn gelding behouden. Indien meer dan alleen de duur van de overeenkomst wijzigt (bijvoorbeeld de functie), moet wel een nieuw concurrentiebeding worden overeengekomen.
Aanpassing WMCO
Per 1 maart 2012 wijzigt de Wet Melding Collectief Ontslag (WMCO). Op dit moment moet een werkgever de vakbonden en het UWV WERKbedrijf inlichten, indien hij van plan is van ten minste 20 werknemers binnen één werkgebied en binnen een periode van drie maanden te doen eindigen. Onder het ‘doen eindigen’ van de diensbetrekking viel niet het eindigen door middel van een vaststellingsovereenkomst. Door de wetswijziging zal voortaan ook deze vorm van beëindiging worden meegeteld bij de berekening van het aantal ontslagen in het kader van de WMCO.
Aanpassing wettelijk minimumloon
Het wettelijk brutominimumloon voor werknemers van 23 jaar en ouder bedraagt per 1 januari 2012 bij een volledig dienstverband € 1446,60 per maand.
Contractenrecht
Stilzwijgende verlenging abonnementen
Per 1 december 2011 is de Wet Stilzwijgende verlenging en opzegtermijn bij lidmaatschappen, abonnementen en overige overeenkomsten in werking getreden. Deze wet maakt het voor consumenten mogelijk contractsbepalingen te vernietigen die hen beperken in de wijze van opzegging van de overeenkomst, zoals de bepaling dat slechts tegen één datum per jaar kan worden opgezegd. (Zie voor meer informatie Algemene voorwaarden in de nationale en internationale praktijk)
Boek 10 BW in werking getreden
Per 1 januari 2012 is Boek 10 BW in werking getreden. In dit wetboek zijn verschillende wetten inzake het internationaal privaatrecht samengevoegd. Het wetboek bevat dan ook geen nieuwe wetgeving. Het internationaal privaatrecht bepaalt welke rechter of welk recht van toepassing is bij grensoverschrijdende geschillen. Er zijn onder meer regelingen op het gebied van personen-, familie-, goederen- en overeenkomstenrecht.
Grensoverschrijdende geschillen moeten in de eerste plaats worden opgelost aan de hand van Europese regelgeving. Pas op het moment dat deze regelgeving geen oplossing biedt, zal Boek 10 BW geraadpleegd dienen te worden. In de meeste gevallen zal dit niet nodig zijn, zodat het belang van Boek 10 BW niet zo groot is als de invoering van een heel nieuw wetboek suggereert.
Duurovereenkomsten altijd opzegbaar
De praktijk kent een groot aantal overeenkomsten waarin partijen zich verplichten om over en weer meerdere rechtshandelingen uit te voeren. Een aantal van deze overeenkomsten, onder meer de commissionair-, distributie-, concessie- en franchiseovereenkomst, kennen geen wettelijke regeling. Wanneer partijen een dergelijke duurovereenkomst voor een onbepaalde periode sluiten en vergeten een opzeggingsmogelijkheid overeen te komen, dan is de overeenkomst in theorie niet opzegbaar. Partijen zijn tot in lengte van dagen aan elkaar gebonden.
In een recente uitspraak van de Hoge Raad heeft de rechter bepaald dat dit niet het geval is. Zelfs wanneer partijen geen opzeggingsmogelijkheid in hun duurovereenkomst met onbepaalde duur hebben opgenomen, dan nog is deze overeenkomst in beginsel altijd opzegbaar. (Zie voor meer informatie Duurovereenkomst voor onbepaalde tijd opzegbaar)
Bestuursrecht en vastgoed
Bouwbesluit 2012
Mits de aanvullende regelgeving tijdig wordt aangenomen, zal per 1 april 2012 het Bouwbesluit 2012 in werking treden. In het Bouwbesluit 2012 wordt een groot aantal bestaande voorschriften over het (ver)bouwen, gebruiken en slopen van gebouwen en andere bouwwerken samengevoegd die tot nu toe zijn ondergebracht in verschillende regelingen, zoals het Bouwbesluit 2003, het Gebruiksbesluit en 418 gemeentelijke bouwverordeningen. Deze veelal technische voorschriften hebben tot doel om veilige, gezonde, bruikbare, energiezuinige en voor het milieu zo min mogelijk belastende gebouwen te realiseren. Door de integratie, afstemming en uniformering van de regelingen moet het eenvoudiger worden om de technische eisen die aan het (ver)bouwen, gebruiken en slopen van bouwwerken worden gesteld, te doorgronden. Daardoor wordt de lasten- en regeldruk beperkt. Het is overigens niet de bedoeling van het Bouwbesluit 2012 om de inhoudelijke eisen die aan (ver)bouw, gebruik of sloop worden gesteld, feitelijk te verzwaren of te verlichten.
Wijziging vergunningenregime monumenten
Ter vermindering van regeldruk hoeft vanaf 1 januari 2012 voor een aantal specifiek omschreven werkzaamheden aan monumenten geen omgevingsvergunning voor de activiteit ‘wijziging van een monument’ meer te worden aangevraagd. Het gaat dan bijvoorbeeld om gewoon onderhoud met toepassing van dezelfde materialen, kleur, detaillering, etcetera; (inpandige) wijzigingen aan niet-monumentale bijgebouwen; en/of wijzigingen in een beschermd stads- of dorpsgezicht aan een zijde van een pand die niet naar openbaar gebied is gericht. Let op: voor de activiteit (ver)bouwen of afwijken van het bestemmingsplan kan nog wel een omgevingsvergunning zijn vereist!
Recht van overpad door verjaring
Sinds de invoering van het nieuwe Burgerlijk Wetboek op 1 januari 1992 kan door verjaring een recht van overpad – het recht om andermans erf te gebruiken om het eigen erf of de openbare weg te bereiken – ontstaan. Het recht van overpad ontstaat door verjaring als degene die dat recht pretendeert te hebben, zich gedurende 20 jaar duidelijk en ten opzichte van de eigenaar van het erf waarop inbreuk wordt gemaakt, heeft gedragen alsof hij het recht van overpad heeft. Hij dient kortom regelmatig en zichtbaar gebruik te hebben gemaakt van het pad en zich als bezitter van het recht van overpad te hebben gedragen. In de literatuur en jurisprudentie wordt algemeen aangenomen dat dit bezit pas kon aanvangen vanaf 1 januari 1992, zodat deze verjaringstermijn van 20 jaar eerst kan zijn ‘volgelopen’ op 1 januari 2012. Wie het door verjaring ontstane recht van overpad ook na een eventuele verandering van eigenaar van het dienstbare erf wil behouden, doet er goed aan dit recht in het kadaster te laten registreren.
Personen- en familierecht/Erfrecht
Wet aanpassing wettelijke gemeenschap van goederen
Op 1 januari 2012 is de wet aanpassing wettelijke gemeenschap van goederen in werking getreden. De grootste veranderingen zijn:
(Zie voor meer informatie Wet aanpassing wettelijke gemeenschap van goederen in werking)
Jaarlijkse indexering alimentatie voor 2012
De partner- en kinderalimentatie moet per 1 januari 2012 verhoogd worden met 1,3%.
Echtscheiding in boek 10 BW
Op 1 januari 2012 treedt boek 10 BW in werking. Dit deel van het burgerlijk wetboek buigt zich over het internationaal privaatrecht en is voornamelijk een samenvoeging van verschillende bestaande regelingen voor het internationaal privaatrecht. Nieuw is echter de inhoud van artikel 10:56 BW. Dit artikel bepaalt namelijk dat, indien een verzoek tot echtscheiding in Nederland is ingediend, als hoofdregel geldt dat de vraag of de echtscheiding uitgesproken kan worden, beantwoord wordt aan de hand van het Nederlandse recht. De rechter hoeft dus niet meer te kijken naar de nationaliteit en de gewone verblijfplaats van de echtgenoten om te bepalen welk recht van toepassing is.
Alimentatie en internationaal privaatrecht
Vanaf 18 juni 2011 is de Alimentatieverordening in werking getreden en geldt het Haags Protocol inzake het recht dat van toepassing is op onderhoudsverplichtingen. De belangrijkste wijzigingen uit deze twee regelingen zijn:
Procesrecht
Wettelijke (handels)rente
Als een factuur niet tijdig wordt betaald, kunt u als ondernemer rente in rekening brengen. Er zijn twee typen te onderscheiden: wettelijke rente (4%) en wettelijke handelsrente (8,25%). Beide percentages zijn per 1 juli 2011 verhoogd. Wettelijke rente kunt u in rekening brengen aan consumenten, nadat u de consument in gebreke heeft gesteld. Professionele wederpartijen zijn echter direct in verzuim (na verloop van de betalingstermijn van 30 dagen) en van rechtswege wettelijke handelsrente verschuldigd. U dient deze wettelijke handelsrente wel te vorderen. Als deskundigen kunnen wij u bijvoorbeeld precies aangeven over welke periode u deze rente kunt vorderen en hoe u deze rente in uw algemene voorwaarden kunt opnemen.
Griffierechten
Griffierecht is de heffing die partijen dienen te betalen voor het voeren van een gerechtelijke procedure. Deze heffing wordt jaarlijks op 1 januari verhoogd. Dit jaar bedraagt de verhoging bijna 3%.
Ambassades en expats (English version)
Ontslagbescherming bij internationale arbeidsverhoudingen
Op grond van het Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 (BBA) heeft de werkgever voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst eerst toestemming nodig van het UWV. Het is de vraag in hoeverre dat ook geldt voor het ontslag van buitenlandse werknemers in Nederland of van Nederlandse werknemers in het buitenland. Dat in de (internationale) arbeidsovereenkomst Nederlands recht van toepassing is verklaard betekent namelijk nog niet dat ook het BBA van toepassing is, terwijl anderzijds het BBA wel kan gelden hoewel Nederlands recht niet van toepassing is verklaard. Volgens de gebruikelijke rechtspraak was het BBA van toepassing wanneer de sociaaleconomische belangen van de Nederlandse arbeidsmarkt bij de arbeidsverhouding waren betrokken.
Het Gerechtshof in Amsterdam oordeelde in 2010 in afwijking daarvan dat eerder de werknemersbescherming tegen ongerechtvaardigd ontslag het doorslaggevende criterium is. Dat betekent dat de situatie van de werknemer moet worden vergeleken met iedere andere werknemer die in Nederland werkt voor een Nederlandse werkgever op grond van Nederlands recht. Die beoordeling leidde ertoe dat toch een vergunning nodig was voor het ontslag van een Amerikaanse werknemer die drie jaar in Nederland had gewerkt hoewel deze na zijn ontslag terugkeerde naar de Verenigde Staten. Recent heeft het Gerechtshof in Arnhem deze nieuwe benadering overgenomen, maar dit onderzocht bovendien nog de betrokkenheid van de sociaaleconomische belangen van de Nederlandse arbeidsmarkt. Dat resulteerde er in dat er geen vergunning nodig was voor het ontslag van een Nederlandse werknemer die onder Nederlands recht werkte voor een Nederlandse werkgever in Roemenië en na zijn ontslag in Roemenië wilde blijven werken.
Als gevolg van deze arresten zal de Nederlandse ontslagbescherming vaker van toepassing zijn op expats in Nederland.
Dubbele nationaliteit
De Tweede Kamer heeft een wetsvoorstel in behandeling ter voorkoming van dubbele nationaliteit. Als dit voorstel wordt aangenomen zullen Nederlanders in het buitenland en hun kinderen in beginsel hun Nederlanderschap verliezen wanneer zij een tweede nationaliteit aanvragen. In dat geval zullen zij alleen het paspoort houden van het land waar ze wonen of werken. Dit wetsvoorstel houdt weinig rekening met het belang van het netwerk van Nederlanders in het buitenland voor het Nederlandse bedrijfsleven, de academische wereld en ambassades en consulaten.
Embassydesk
Voor ambassades en consulaten heeft Russell Advocaten een speciale afdeling, de embassydesk. Hiermee kunt u contact opnemen via embassydesk@russell.nl.
Meer informatie
Indien u vragen heeft over de nieuwe wetgeving of wanneer u meer wilt weten over de gevolgen hiervan voor u, kunt u contact opnemen met mr. drs. Reinier W.L. Russell (reinier.russell@russell.nl).